Citaat | Gerechtshof Amsterdam 29 juni 2017
Onder 3.2.5 Gerechtshof Amsterdam 29 juni 2017
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 29 juni 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2496.
[getuige 7] en [getuige 13] hebben op 25 januari 2006 een telefoongesprek gevoerd waarbij [getuige 7] aankondigt naar Rotterdam te komen; daarna belt [getuige 7] met [Dino S.] over de afspraak in Rotterdam. Op de dag na het bezoek aan Rotterdam, 28 januari 2006, is [getuige 7] gebeld door [getuige 6] . In dit gesprek zegt [getuige 7] dat [Willem H.] (zijn naam voor [Willem H.] ) en [getuige 14] , op dat moment een vriendin van [Willem H.] ) en de andere jongens er ook waren. Ze hebben met [getuige 7] aan één tafel gezeten. [getuige 6] zegt daarop tegen [getuige 7] dat [Willem H.] daar veel komt. [getuige 7] zegt: “alleen maar”. [getuige 7] zegt dat “hij” snel weg ging, want Foef was er niet. Als Foef er wel is, dan gaat “die” tot het einde of als laatste weg. [Dino S.] heeft ter terechtzitting in hoger beroep als verdachte verklaard dat hij ook wel “Foef” wordt genoemd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3eb6739a9cec7cb3099855d2be357cca09ad4e0be1846b2648531aa61c278fc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3eb6739a9cec7cb3099855d2be357cca09ad4e0be1846b2648531aa61c278fc, en de alinea staat in dat document op bytes 256500 tot 257683.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d3eb6739a9cec7cb3099855d2be357cca09ad4e0be1846b2648531aa61c278fc | shasum -a 256