Citaat | Gerechtshof Amsterdam 2 mei 2017

Onder 2.3. Gerechtshof Amsterdam 2 mei 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 2 mei 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2579.

Tot de bijlagen die belanghebbende bij haar beroepschrift in eerste aanleg heeft gezonden behoort (een afschrift van) de vaststellingsovereenkomst die [T BV] (hierna te noemen: [T BV] ) heeft gesloten met de gemeente [naam] ten behoeve van de vaststelling van de door [T BV] te betalen dagtoeristenbelasting en parkeerbelasting over het belastingjaar 2012. Voor het jaar 2013 heeft [T BV] eveneens een vaststellingsovereenkomst gesloten met de gemeente. Ter zitting hebben partijen verklaard dat voor de beslechting van het onderhavige geschil het Hof ervan kan uitgaan dat de tekst van de vaststellingsovereenkomst over het belastingjaar 2013 - behoudens de daarin genoemde aantallen personen/bussen - gelijkluidend is aan die van de vaststellingsovereenkomst voor het belastingjaar 2012 (hierna verder te noemen: de vaststellingsovereenkomst). Deze vaststellingsovereenkomst luidt, voor zover van belang, als volgt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dccea2882392899802d00ad91e5b9044628d7322cee3204f2cc4184e3249fdfe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dccea2882392899802d00ad91e5b9044628d7322cee3204f2cc4184e3249fdfe, en de alinea staat in dat document op bytes 11555 tot 12485.