Citaat | Gerechtshof Amsterdam 13 april 2017

Alinea 87 Gerechtshof Amsterdam 13 april 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 13 april 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2826.

Het hof ziet in de onderlinge verhoudingen en de rol van de verdachten, geen aanleiding om van het wettelijk uitgangspunt van hoofdelijkheid af te wijken, nu daarin immers voor het slachtoffer een mogelijkheid van gemakkelijke inning en een waarborg voor betaling is gelegen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe93edce3eac84a8b576dd543d3e411d2b1365f77bc9579f2a7a9343a88d0302. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe93edce3eac84a8b576dd543d3e411d2b1365f77bc9579f2a7a9343a88d0302, en de alinea staat in dat document op bytes 22314 tot 22603.