Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 november 2017

Onder 3.8.1 Gerechtshof Amsterdam 14 november 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 november 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:4701.

[geïntimeerde] bestrijdt weliswaar dat hij zijn hoofdverblijf in het gehuurde heeft opgegeven, maar dat verweer wordt als onvoldoende gemotiveerd verworpen. Tijdens zijn afwezigheid zijn de meubels van [geïntimeerde] uit het gehuurde verwijderd en elders opgeslagen en zijn de meubels van [A] en haar partner in de woning geplaatst, hetgeen erop wijst dat op dat moment laatstgenoemden hun hoofdverblijf in de woning hadden, en niet [geïntimeerde] . Bovendien verbleef [geïntimeerde] als hij na kerst 2016 weer kortdurend in Nederland was doorgaans niet, zoals was te verwachten, in zijn eigen woning, maar bij zijn ouders of bij vrienden. Dat [geïntimeerde] , zoals hij aan Eigen Haard heeft verklaard, tussendoor wel “enkele” dan wel “twee” dagen in het gehuurde heeft doorgebracht en daar ook heeft overnacht maakt dat niet anders. De stelling dat het gehuurde de plaats was waar [geïntimeerde] steeds is teruggekeerd als hij weer in Nederland was, is gelet op zijn eigen verklaring tegenover Eigen Haard dus simpelweg onjuist. De omstandigheid dat [geïntimeerde] zijn post bleef ontvangen in het gehuurde hing vermoedelijk in hoge mate samen met het feit dat hij op het adres van het gehuurde is ingeschreven gebleven, maar hoe dan ook zijn die beide omstandigheden onvoldoende om daaruit voortgezet hoofdverblijf te kunnen afleiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e202da49021712f700cf5d288a416ed60581742c5e5736502b95713d042aabfe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e202da49021712f700cf5d288a416ed60581742c5e5736502b95713d042aabfe, en de alinea staat in dat document op bytes 17037 tot 18449.