Citaat | Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017

Onder 8.2. Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5021.

De verdediging heeft gesteld dat de verdachte te goeder trouw heeft gehandeld. In beide gevallen kreeg hij van anderen te horen dat de betrokkene was overleden en ontving hij een overlijdensakte. De verdachte wist niet dat de overlijdensakten vervalst waren en dat [naam 1] en [naam 2] nog leefden toen hij om uitkering verzocht van de verzekerde bedragen. Het opzet van de verdachte op de oplichting kan in beide gevallen dus niet worden bewezen. De verdachte dient derhalve te worden vrijgesproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40dbd3d63b77e289abfe7b574ab51a0c38096fa42a5fd205204af35b9e1bfb94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40dbd3d63b77e289abfe7b574ab51a0c38096fa42a5fd205204af35b9e1bfb94, en de alinea staat in dat document op bytes 109744 tot 110259.