Citaat | Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017

Onder 13.3. Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5021.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan de moord op twee jonge jongens. Daarbij heeft hij hen succinylcholine toegediend ten gevolge waarvan zij zijn overleden. Het hof houdt er rekening mee dat de beide slachtoffers pas na een – pijnlijke – beschadiging van vitale organen zijn overleden. Daarbij is de verdachte geraffineerd en planmatig te werk gegaan. Hij heeft de twee mannen, in de bloei van hun leven het meest fundamentele recht van een mens, het recht op leven, ontnomen. Aldus heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan één van de ernstigste misdrijven die het Wetboek van Strafrecht kent, te weten moord, waarbij de verdachte zich kennelijk heeft laten leiden door zijn zucht naar financieel gewin. Het hof kwalificeert dit gedrag van de verdachte als gewetenloos.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40dbd3d63b77e289abfe7b574ab51a0c38096fa42a5fd205204af35b9e1bfb94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40dbd3d63b77e289abfe7b574ab51a0c38096fa42a5fd205204af35b9e1bfb94, en de alinea staat in dat document op bytes 140578 tot 141381.