Citaat | Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017

Onder 6.2.2 Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 4 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5021.

De arts-patholoog heeft geconcludeerd dat er sprake was van hartspierschade door zuurstofgebrek, die minimaal twee tot drie uur voor het overlijden moet zijn ontstaan. Dit betekent dat er hoe dan ook geen sprake geweest kan zijn van toediening van een fatale dosis succinylcholine, omdat in een dergelijk geval degene die het middel toegediend krijgt – zonder kunstmatige beademing – binnen enkele minuten komt te overlijden. De toxicoloog heeft op grond van de bevindingen van de arts-patholoog gesuggereerd dat er sprake geweest kan zijn van apneu. Apneu ontstaat echter niet louter door het toedienen van succinylcholine, maar kent ook andere oorzaken. De cardiopatholoog heeft bovendien verklaard dat de geconstateerde hartspierschade waarschijnlijk door een korte periode waarin sprake is geweest van een suboptimale ademhaling is veroorzaakt. Volgens de toxicoloog leidt het toedienen van succinylcholine niet tot een suboptimale ademhaling, maar tot een algehele ademstilstand. De geconstateerde hartspierschade dwingt derhalve niet tot de conclusie dat [slachtoffer 1] door een toegediende dosis succinylcholine is overleden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40dbd3d63b77e289abfe7b574ab51a0c38096fa42a5fd205204af35b9e1bfb94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40dbd3d63b77e289abfe7b574ab51a0c38096fa42a5fd205204af35b9e1bfb94, en de alinea staat in dat document op bytes 26195 tot 27346.