Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 maart 2017

Onder 3.10 Gerechtshof Amsterdam 7 maart 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 maart 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:752.

[geïntimeerde] verzoekt voorts om toekenning van € 1.008,63 bruto aan achterstallig salaris, verhoogd met de wettelijke verhoging en wettelijke rente. Dit verzoek is er, naar het hof begrijpt, op gebaseerd dat tijdens ziekte toelagen (bindingstoelage, eindejaarsuitkering en inkomenstoelage) moeten worden betaald, hetgeen ten onrechte niet is geschied. Kolom heeft zulks bestreden en in punt 4.1 van het verweerschrift in incidenteel appel aangevoerd op welke loonelementen krachtens de cao aanspraak bestaat, als ook dat aan [geïntimeerde] die loonelementen zijn voldaan. [geïntimeerde] heeft onvoldoende gemotiveerd gesteld dat desondanks sprake is van ten onrechte door haar niet ontvangen salarisbestanddelen. Nu [geïntimeerde] geen recht heeft op achterstallig salaris is verhoging op grond van artikel 7:625 BW en betaling van wettelijke rente niet aan de orde, evenmin als vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De grief faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d5c6fb01ada928cca5c0e6d7f77a4830180558f2260f76522af1c185d2f5ad8e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d5c6fb01ada928cca5c0e6d7f77a4830180558f2260f76522af1c185d2f5ad8e, en de alinea staat in dat document op bytes 22195 tot 23171.