Citaat | Gerechtshof Amsterdam 8 februari 2018

Onder 5.1.2. Gerechtshof Amsterdam 8 februari 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 8 februari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:1069.

De inspecteur heeft zich verzet tegen de toewijzing van het verzoek en heeft wat betreft het verzoek tot het horen van [inspecteur] en [ontvanger] als getuige aangevoerd dat belanghebbende voorafgaand aan de zitting reeds voldoende tijd en gelegenheid heeft gehad om deze personen op te roepen om ter zitting van 29 november 2017 te verschijnen. Belanghebbende heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt en de gevolgen daarvan dienen voor haar rekening te worden gebracht, door dit bewijsaanbod – dat wil zeggen: het verzoek aan het Hof om nader bewijs te mogen leveren door alsnog de desbetreffende personen als getuige te doen horen – als zijnde tardief te passeren, zo stelt de inspecteur. Wat betreft [getuige 2] en [getuige 1] heeft de inspecteur primair gesteld dat dit bewijsaanbod dient te worden gepasseerd omdat het voor het eerst in de procedure na verwijzing is gedaan. Daarmee overschrijdt belanghebbende volgens de inspecteur de grenzen van de rechtsstrijd na verwijzing. Subsidiair heeft de inspecteur gesteld dat belanghebbende de desbetreffende personen in een eerder stadium had kunnen oproepen om als getuige ter zitting van 29 november 2017 te verschijnen. Belanghebbende heeft dit nagelaten en de gevolgen daarvan dienen voor haar rekening te worden gebracht door ook dit bewijsaanbod tardief te verklaren, aldus de inspecteur.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e5cbe5d69fcc36d592fa05c7c9b5bb772a2d57343b6e32247d19f124c9bdfeb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e5cbe5d69fcc36d592fa05c7c9b5bb772a2d57343b6e32247d19f124c9bdfeb, en de alinea staat in dat document op bytes 46600 tot 47971.