Citaat | Gerechtshof Amsterdam 5 juni 2018

Onder 5.6 Gerechtshof Amsterdam 5 juni 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 5 juni 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2145.

Het hof zal voor de bepaling van de gewone verblijfplaats van [de minderjarige] aansluiten bij het door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen gehanteerde begrip van de ‘gewone verblijfplaats’. Volgens vaste jurisprudentie dient dit begrip aldus te worden uitgelegd dat deze verblijfplaats de plaats is die een zekere integratie van het kind in een sociale en familiale omgeving tot uitdrukking brengt. Daarbij dient rekening te worden gehouden met de feitelijke omstandigheden die eigen zijn aan elke zaak. Naast de fysieke aanwezigheid van het kind in een lidstaat, kunnen de duur, de regelmaat, de omstandigheden en de redenen van het verblijf op het grondgebied van een lidstaat, de nationaliteit van het kind, de plaats waar het naar school gaat en de familiale en sociale banden van het kind in die staat van belang zijn. De bedoeling van de ouder om zich met het kind in een andere lidstaat te vestigen, waaraan uiting is gegeven door bepaalde tastbare maatregelen zoals de koop of de huur van een woning, kan een aanwijzing zijn voor de verplaatsing van de gewone verblijfplaats. Tevens kan de leeftijd van het kind van bijzonder belang zijn. Doorgaans is de omgeving van een jong kind in wezen een familiale omgeving. Voor deze omgeving is of zijn bepalend de persoon of personen bij wie het kind woont, die daadwerkelijk gezag over hem uitoefenen en voor hem zorgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/06ff1d90e4768ee4c07dcc8b201745eb9d370aa8ab2d4cc81a05d330f7bc7d01. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 06ff1d90e4768ee4c07dcc8b201745eb9d370aa8ab2d4cc81a05d330f7bc7d01, en de alinea staat in dat document op bytes 21377 tot 22783.