Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 juli 2018
Onder 2.1 Gerechtshof Amsterdam 3 juli 2018
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 juli 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2264.
In het tweede tussenarrest heeft het hof geoordeeld (r.o. 2.16) dat de vorderingen van BPF voor zover betrekking hebbend op de jaren 2010 en nadien toewijsbaar zijn en dat het vonnis in zoverre zal worden bekrachtigd. Anders gezegd: het hof oordeelde dat de grieven van DHL voor wat betreft de vorderingen van BPF over de jaren 2006 tot en met 2009 doel treffen. In het tweede tussenarrest werd eveneens geoordeeld dat de incidentele grieven van BPF met betrekking tot de over haar vorderingen te berekenen rente en de al dan niet in rekening te brengen buitengerechtelijke kosten doel treffen: BPF kan de wettelijke handelsrente hanteren (r.o. 2.17) en buitengerechtelijke kosten in rekening brengen (r.o. 2.18). Ten slotte overwoog het hof in het tweede tussenarrest dat de grief van DHL ter zake van haar (door de rechtbank afgewezen) voorwaardelijke vordering (te weten: voor zover de vorderingen van BPF zouden worden toegewezen) ter zake van terugbetaling van pensioenpremies die over persoonlijke toeslagen zijn betaald, faalt (r.o. 2.20).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4ddf36fce159f1566dc367ff25c1f79ef7fefa0c635c8bee3ed04a1f1898075. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4ddf36fce159f1566dc367ff25c1f79ef7fefa0c635c8bee3ed04a1f1898075, en de alinea staat in dat document op bytes 8600 tot 9661.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a4ddf36fce159f1566dc367ff25c1f79ef7fefa0c635c8bee3ed04a1f1898075 | shasum -a 256