Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 juli 2018

Onder 3.8 Gerechtshof Amsterdam 3 juli 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 juli 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2274.

Gezien het vorenstaande komt het hof tot de conclusie dat de vraag of tussen partijen overeenstemming is bereikt over het in rekening mogen brengen van een (periodieke) aansluitbijdrage ontkennend beantwoord dient te worden. Dit heeft tot gevolg dat (de rechtsvoorgangster van) Deem de post “periodieke aansluitkosten per maand” niet bij [appellant] in rekening mocht en mag brengen bij gebreke van een contractuele grondslag, dat [appellant] de bedragen ter zake van de post “periodieke aansluitkosten per maand” niet verschuldigd was en is en dat hij deze bedragen onverschuldigd betaald heeft vanaf de ingangsdatum van de overeenkomst. De inwerkingtreding van de Warmtewet per 1 januari 2014 maakt dit niet anders. De gevorderde verklaring voor recht is daarom toewijsbaar, evenals de vordering tot terugbetaling van de door [appellant] onverschuldigd betaalde aansluitbijdrage aangezien Deem tegen de hoogte van het daarmee gemoeide bedrag, en de gevorderde wettelijke rente daarover, geen zelfstandig verweer heeft gevoerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2fa95a90d92547c9798e3125cefea9e35fab890678fbf6b2c5210aad6fcdea30. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2fa95a90d92547c9798e3125cefea9e35fab890678fbf6b2c5210aad6fcdea30, en de alinea staat in dat document op bytes 21741 tot 22792.