Citaat | Gerechtshof Amsterdam 28 juni 2018

Onder 3.22 Gerechtshof Amsterdam 28 juni 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 28 juni 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:2313.

Naar het oordeel van de Ondernemingskamer kan aan de vastgestelde feiten en hetgeen is overwogen in 3.14 tot en met 3.17 geen andere conclusie worden verbonden dan dat Eneri vanaf het moment waarop de obligatoire overeenkomst tot inkoop tot stand is gekomen (derhalve in (de loop van) 2013) verstrekker is geworden van vreemd vermogen aan GGN Brabant. De Ondernemingskamer licht dat, mede in respons op stellingen van partijen, nog als volgt toe.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/080ed7fefe069458f8c507af5d05f0747935c9139f796441692fa0a8e6657662. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 080ed7fefe069458f8c507af5d05f0747935c9139f796441692fa0a8e6657662, en de alinea staat in dat document op bytes 60733 tot 61193.