Citaat | Gerechtshof Amsterdam 2 februari 2018
Alinea 39 Gerechtshof Amsterdam 2 februari 2018
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 2 februari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:390.
Tegen de achtergrond van het hiervoor als disproportioneel aangemerkte en onder de verantwoordelijkheid van het openbaar ministerie vallende optreden oordeelt het hof dat de officier van justitie in redelijkheid niet heeft kunnen oordelen dat met het uitvaardigen van een strafbeschikking enig door strafrechtelijke handhaving beschermd belang gediend werd, zodat die beslissing van de officier van justitie apert onevenredig was. Daarbij neemt het hof in aanmerking dat, zoals uit het voorgaande voortvloeit, ten tijde van die beslissing duidelijk was dat het demonstratierecht in aanzienlijke mate was geschonden, zodat op dat moment niet slechts de bij uitstek door de officier van justitie te beantwoorden vraag aan de orde was of vervolging ter zake van de vermoedelijke lokaalvredebreuk (het weigeren de conferentieruimte te verlaten) opportuun was gelet op het vreedzame en ludieke karakter van de daaraan voorafgegane betoging, maar in het bijzonder ook of vervolging nog gerechtvaardigd was in weerwil van de inbreuk die de reeds getroffen maatregelen hadden gemaakt op de demonstratievrijheid. Dit klemt temeer omdat een beslissing tot vervolging als reactie op het handelen van de verdachte zou bijdragen aan die reeds bestaande schending van het demonstratierecht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fef28a46212fca282536a26f61cbf19c041e36918b718c8d5bd7364058c3ec71. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fef28a46212fca282536a26f61cbf19c041e36918b718c8d5bd7364058c3ec71, en de alinea staat in dat document op bytes 19560 tot 20849.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fef28a46212fca282536a26f61cbf19c041e36918b718c8d5bd7364058c3ec71 | shasum -a 256