Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 december 2018

Onder 3.1 Gerechtshof Amsterdam 14 december 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 december 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:4610.

Ten aanzien van het rechtsgevolg dat bestaat in niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie verdient het navolgende aantekening. Niet-ontvankelijk verklaring komt, als een aan schending van een vormvoorschrift in het voorbereidend onderzoek te verbinden rechtsgevolg, in slechts zeer uitzonderlijke gevallen aan de orde. Dit kan aan de orde zijn in geval sprake is van ernstige inbreuken op de beginselen van behoorlijke procesorde, waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte aan diens recht op een eerlijke behandeling van de zaak is tekortgedaan. Voorts is een dergelijke sanctie mogelijk indien - ook zonder dat de belangen van de verdachte als hiervoor bedoeld zijn geschonden - sprake is van een handelwijze van de officier van justitie die in strijd is met de grondslagen van het strafproces waardoor het wettelijk systeem in de kern wordt geraakt, zoals de bevoegdheidsverdeling tussen het Openbaar Ministerie en de onafhankelijke rechter zoals die in het wettelijk systeem ten aanzien van vervolging, berechting en tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen is vervat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fe8563adefec8e9ba6cca0d2ee41b0407f09d2b9b13c38597981ca8b769aa96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fe8563adefec8e9ba6cca0d2ee41b0407f09d2b9b13c38597981ca8b769aa96, en de alinea staat in dat document op bytes 24587 tot 25733.