Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 december 2018
Onder 3.2.3 Gerechtshof Amsterdam 14 december 2018
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 december 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:4610.
Het hof stelt voorop dat de Hoge Raad in voornoemd arrest van 4 april 2017 heeft herhaald dat voor de waarheidsvinding onderzoek mag worden gedaan aan inbeslaggenomen voorwerpen teneinde gegevens voor het strafrechtelijk onderzoek ter beschikking te krijgen. Dit geldt ook voor gegevens opgeslagen in inbeslaggenomen elektronische gegevensdragers en geautomatiseerde werken, waaronder BlackBerry ’s. De wettelijke basis voor dat onderzoek door opsporingsambtenaren is gelegen in het samenstel van de bepalingen waarop de bevoegdheid tot inbeslagneming is gebaseerd, te weten artikel 94 juncto de artikelen 95 en 96 Sv. Een voorafgaande rechterlijke toetsing of tussenkomst van de officier van justitie is niet vereist. Indien echter moet worden geconcludeerd dat het onderzoek zo verstrekkend is geweest dat een min of meer compleet beeld is verkregen van bepaalde aspecten van het persoonlijk leven van de gebruiker van de BlackBerry, kan het onderzoek onrechtmatig zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fe8563adefec8e9ba6cca0d2ee41b0407f09d2b9b13c38597981ca8b769aa96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fe8563adefec8e9ba6cca0d2ee41b0407f09d2b9b13c38597981ca8b769aa96, en de alinea staat in dat document op bytes 38803 tot 39790.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0fe8563adefec8e9ba6cca0d2ee41b0407f09d2b9b13c38597981ca8b769aa96 | shasum -a 256