Citaat | Gerechtshof Amsterdam 15 februari 2018
Alinea 85 Gerechtshof Amsterdam 15 februari 2018
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 15 februari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:538.
Volgens het proces-verbaal van relaas is de eerste brief waarin de verdachte werd uitgenodigd door de politie te worden gehoord (de zogeheten uitnodigings- of ontbiedingsbrief) aangetekend verstuurd. De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting medegedeeld dat zij daaromtrent nadere informatie had ingewonnen, waaruit bleek dat het bij de politie te Amsterdam – die de onderhavige brieven, dus ook de tweede en de derde ontbiedingsbrief, heeft gestuurd – standaardpraktijk is dat ontbiedingsbrieven aan verdachten die buiten Amsterdam wonen, aangetekend worden verstuurd en dat, ingeval na verzending van zo’n brief telefonisch contact plaatsheeft met een verdachte, altijd wordt besproken dat deze recht heeft op rechtsbijstand. De politie heeft de advocaat-generaal desgevraagd verzekerd dat in casu ook de latere ontbiedingsbrieven aangetekend zijn verstuurd. En voor zover de desbetreffende opsporingsambtenaar zich kon herinneren, heeft de verdachte naar aanleiding van die laatste ontbiedingsbrief contact opgenomen met de politie voor de datum en de locatie van het verhoor en is uit praktische overwegingen (die samenhingen met reistijd en kosten) gekozen het verhoor telefonisch te laten plaatsvinden op 16 februari 2017.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9167a3c2f50462f1cd51cd55efaebbbd1df9e5854155d96eea49a4ae5bea1496. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9167a3c2f50462f1cd51cd55efaebbbd1df9e5854155d96eea49a4ae5bea1496, en de alinea staat in dat document op bytes 30160 tot 31412.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9167a3c2f50462f1cd51cd55efaebbbd1df9e5854155d96eea49a4ae5bea1496 | shasum -a 256