Citaat | Gerechtshof Amsterdam 16 januari 2018

Onder 2.4. Gerechtshof Amsterdam 16 januari 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 16 januari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:83.

(…) Een nadeel van de forfaitaire heffing is dat het forfaitaire rendement af zal wijken van het daadwerkelijke rendement uit sparen en beleggen. Hierdoor kan de belastingheffing in de praktijk veel hoger of lager uitvallen dan 30 procent van het feitelijke rendement. Dit geldt voor de langere termijn – het gemiddelde feitelijke rendement over de jaren hoeft niet gelijk te zijn aan het gemiddelde forfaitaire rendement – en meer nog voor de korte termijn. Bij een feitelijk rendement van 1,2 procent is het effectieve marginale tarief 100 procent en bij een feitelijk rendement van zes procent is het effectieve marginale tarief slechts twintig procent. (…)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca0e94d8f7686dbc65b0aaa1e5f3f8fbcf465592a5f963b686fe4ba66f2ca9f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca0e94d8f7686dbc65b0aaa1e5f3f8fbcf465592a5f963b686fe4ba66f2ca9f4, en de alinea staat in dat document op bytes 13678 tot 14383.