Citaat | Gerechtshof Amsterdam 8 maart 2018
Onder 4.1. Gerechtshof Amsterdam 8 maart 2018
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 8 maart 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:856.
Partijen houdt verdeeld of de inspecteur heeft voldaan aan de op hem rustende bewijslast dat de goederen niet - zoals in de aangiften vermeld - van Jamaicaanse preferentiële oorsprong zijn. Belanghebbende heeft ter zake betoogd dat de bij de desbetreffende aangiften overgelegde EUR.1-certificaten niet volgens de procedure van artikel 32 van Protocol nr. 1 bij bijlage V van de ACS-Partnerschapsovereenkomst zijn ingetrokken of ongeldig verklaard door de daartoe bevoegde autoriteit en daarom nog altijd geldig zijn. Tevens heeft belanghebbende gesteld dat niet vast staat dat alle onderwerpelijke EUR.1-certificaten ten onrechte zijn afgegeven, omdat uit het missierapport van OLAF blijkt dat niet is uitgesloten dat er ook kleding is geëxporteerd die wel van preferentiële Jamaicaanse oorsprong is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf8ea63e14e7d8c47529d34acb1a0087929fbab9abb96b9a9c57f0f47d603e46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf8ea63e14e7d8c47529d34acb1a0087929fbab9abb96b9a9c57f0f47d603e46, en de alinea staat in dat document op bytes 47651 tot 48468.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bf8ea63e14e7d8c47529d34acb1a0087929fbab9abb96b9a9c57f0f47d603e46 | shasum -a 256