Citaat | Gerechtshof Amsterdam 11 januari 2018
Onder 2.15. Gerechtshof Amsterdam 11 januari 2018
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 11 januari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:87.
Het Hof refereert aan een belastingzaak bij de rechtbank Den Haag gevolgd door het hoger beroep daarin bij Hof Den Haag, waarin ik ook als gemachtigde optrad [ Hof: gerechtshof Den Haag 25 april 2017, nrs. BK-16/00412 en BK-16/00413, ECLI:NL:GHDHA:2017:1186 ]. Het is u opgevallen dat in die zaak ook niet direct duidelijk was dat het desbetreffende bezwaarschrift was bestemd voor de afdeling gemeentebelastingen, ook omdat dat bezwaarschrift was gefaxt naar een faxnummer van de gemeenteraad. Is hier sprake van een repeterend patroon? (…) Ik begrijp dat u met uw opmerking refereert aan artikel 6:15, derde lid, van de Awb maar dat is geen bepaling die het Hof als rechtsnorm van openbare orde ambtshalve moet toetsen. Ik heb zojuist zelf het artikel genoemd maar dat was enkel ter onderbouwing van mijn betoog en ik vind het ‘flauw’ dat u nu inhaakt op dit artikel. Ik vind uw vraagstelling suggestief.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f61de1098c4436c9168b8aff952fefae925d5460014abac805ab409b2c702d0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f61de1098c4436c9168b8aff952fefae925d5460014abac805ab409b2c702d0e, en de alinea staat in dat document op bytes 25881 tot 26840.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f61de1098c4436c9168b8aff952fefae925d5460014abac805ab409b2c702d0e | shasum -a 256