Citaat | Gerechtshof Amsterdam 13 maart 2018

Onder 1 Gerechtshof Amsterdam 13 maart 2018

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 13 maart 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:889.

De verdachte heeft op 3 februari 2015 diverse e-mail berichten naar zijn vriendin, [slachtoffer 1] , gestuurd. De verdachte heeft hierin onder meer gezegd dat hij een jongen gegijzeld hield in zijn woning en dat hij zijn woning zou opblazen als hij een ‘verdacht’ persoon of een politieagent zou zien en dat het zinloos was om de politie te bellen omdat het gebouw een ‘boobytrap’ is. De verdachte heeft ook diverse foto’s naar [slachtoffer 1] gestuurd. Daarop waren afgebeeld een bed met daarop liggend een paspop afgedekt met een jas, lijkend op een echt persoon, onderscheidenlijk een voordeur met daaraan verbonden twee gasflessen en een mobiele telefoon. [slachtoffer 1] heeft hiervan vrijwel terstond melding gemaakt bij de politie, waarop een observatieteam is ingezet. De verdachte is aangehouden op 4 februari 2015 waarna de woning en de zolder van de verdachte zijn doorzocht. Op de zolder zijn onder meer vijf betaalautomaten en één OV-chipkaart oplaadpunt aangetroffen. In de slaapkamer van de verdachte is nog één betaalautomaat aangetroffen. De betaalautomaten en het OV-chipkaart oplaadpunt bleken afkomstig te zijn van éénzelfde ladingdiefstal.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd869e38e9d099c2ecec8fa220ace501fedaf8d9111a9747a66a5bf11d9b88e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd869e38e9d099c2ecec8fa220ace501fedaf8d9111a9747a66a5bf11d9b88e8, en de alinea staat in dat document op bytes 12388 tot 13578.