Citaat | Gerechtshof Amsterdam 21 april 2020

Onder 2.4. Gerechtshof Amsterdam 21 april 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 21 april 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1282.

(. . .) Gelet op hetgeen hiervoor in 3.4.2. is overwogen, heeft het hof miskend dat de Raad niet tot taak heeft zich, bij de beoordeling van hetgeen het belang van het kind vergt, te begeven in een afweging van de belangen van de ouders van het kind. De Raad dient slechts met de standpunten en belangen van een ouder rekening te houden voor zover het belang van het kind daartoe aanleiding geeft. Uit de vooropstellingen van het hof in de rov. 3.3 en 3.4 en zijn daarop volgende toetsing van het handelen van de Raad, blijkt niet dat het hof dit toetsingskader voor ogen heeft gehad; het heeft zich immers vooral laten leiden door het belang van de moeder bij geruststelling en het belang van de vader niet verder te worden bevraagd over zijn verleden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40c4e7c22e5bf4fe2a755905fb772e0621a0420f25728e143972c05b05e9f1ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40c4e7c22e5bf4fe2a755905fb772e0621a0420f25728e143972c05b05e9f1ac, en de alinea staat in dat document op bytes 16628 tot 17451.