Citaat | Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2020

Onder 3.2.3 Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 2 juni 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1421.

Ziggo c.s. hadden in cassatie betoogd dat Brein bij het stellen van deze prejudiciële vraag en behandeling van haar daaraan ten grondslag liggende middelonderdeel I geen belang had aangezien in hoger beroep al was komen vast te staan dat abonnees van Ziggo c.s. die via Ziggo c.s. de website van TPB gebruiken, auteursrechtinbreuk plegen evenals, voor zover het gaat om het [thans niet meer relevante]‘ art work ’, de beheerders van TPB. De Hoge Raad oordeelde (tussenarrest Hoge Raad, rov. 5.3.2) dat Brein wel degelijk belang heeft bij haar desbetreffende klacht, omdat het antwoord op de vraag of (naast de abonnees van Ziggo c.s. die van TPB gebruik maken, ook) de beheerders van TPB inbreuk maken op de auteursrechten, gewicht in de schaal legt bij de afweging die moet worden gemaakt in het kader van artikel 26d Auteurswet (Aw), waarmee de Hoge Raad ook verwees naar het gelijkluidende artikel 15e Wet op de naburige rechten (Wnr). Het hof zal hierna de uit genoemde wetten voortvloeiende rechten kortheidshalve gezamenlijk aanduiden als het auteursrecht, de door die rechten beschermde prestaties gezamenlijk als ‘beschermde werken’ en de zojuist genoemde wetsbepalingen gezamenlijk als art. 26d Aw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7f5664a983b3bb926830033fc4b1aa9c40ec135978265740a17e1ec5b5de945e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7f5664a983b3bb926830033fc4b1aa9c40ec135978265740a17e1ec5b5de945e, en de alinea staat in dat document op bytes 20342 tot 21605.