Citaat | Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2020

Onder 3.4.1. Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1508.

Grief 3 is gericht tegen het oordeel van de kantonrechter, neergelegd in de overwegingen 5.3 en 5.4 van het tussenvonnis van 29 november 2017, dat de overeenkomst een consumentenkoop is in de zin van art. 7:5 lid 1 BW en dat [geïntimeerde] daarom de in art. 7:5 BW e.v. bedoelde consumentenbescherming toekomt. De kantonrechter heeft dit oordeel, kort gezegd, hierop gebaseerd dat [A] bij het sluiten van de overeenkomst als vertegenwoordiger althans gevolmachtigde van [appellant] optrad, dat [A] daarbij handelde in de uitoefening van beroep of bedrijf en dat [geïntimeerde] op het moment van het sluiten van de overeenkomst niet wist dat [appellant] niet handelde in de uitoefening van een beroep of bedrijf (art. 7:5 lid 2 BW). Kern van het betoog van [appellant] in appel is dat [geïntimeerde] (wel) wist dat [appellant] niet handelde in de uitoefening van een beroep of bedrijf, zodat [geïntimeerde] geen consumentenbescherming geniet, niet op grond van 7:5 lid 2 BW en evenmin op grond van art. 7:5 lid 1 BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2ea39ece50c7292fb36d3d1f675e8d4caf4becd5399f1644eaf80052b16594d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2ea39ece50c7292fb36d3d1f675e8d4caf4becd5399f1644eaf80052b16594d, en de alinea staat in dat document op bytes 16045 tot 17079.