Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 juli 2020
Onder 3.8 Gerechtshof Amsterdam 14 juli 2020
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 juli 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:2014.
Dit geldt ook voor de door [appellant 1] onder 3.1.2 onder a tot en met c, d primair, e en f gevorderde verklaringen voor recht. Deze vorderingen hebben betrekking op het aandeelhouderschap van Hotel en de uitoefening van de aan de aandelen in Hotel verbonden (stem)rechten. [appellant 1] geldt ook hier niet als “onmiddellijk betrokken” bij de rechtsverhoudingen die aan de orde zijn. Dat [appellant 1] als (indirect) bestuurder van [appellant 3] mogelijk een belang heeft bij de gevorderde verklaringen voor recht betekent ook hier nog niet dat zij aan de voorwaarde van artikel 3:302 BW voldoet. Dit is niet het geval.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23d358dcec29ee7036adc73d9a6c5490efcb4f6ffdcd0230eb0cff69464edc4e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23d358dcec29ee7036adc73d9a6c5490efcb4f6ffdcd0230eb0cff69464edc4e, en de alinea staat in dat document op bytes 23732 tot 24371.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/23d358dcec29ee7036adc73d9a6c5490efcb4f6ffdcd0230eb0cff69464edc4e | shasum -a 256