Citaat | Gerechtshof Amsterdam 28 augustus 2020

Alinea 27 Gerechtshof Amsterdam 28 augustus 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 28 augustus 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:2377.

De raadsman van de verdachte heeft zich ter terechtzitting in hoger beroep – overeenkomstig zijn pleitnotities – op het standpunt gesteld dat het verblijf van de verdachte in de RAI niet wederrechtelijk was, zodat zij dient te worden vrijgesproken. Daartoe is aangevoerd dat de demonstratie vreedzaam, ludiek en van zeer korte duur was, waarbij geen of slechts een geringe inbreuk is gemaakt op de rechten van de RAI en de aldaar werkzame personen. De verdachte en haar medeverdachte hebben slechts als gevolg van het ingrijpen van de securitymanager en de politie niet zelf hun actie kunnen beëindigen. Volgens de verdediging had volstaan moeten worden met de verwijdering van de verdachten en het hun ontzeggen van verdere toegang tot de RAI. Door hen echter aan te houden en/of gedurende enkele uren op te houden voor onderzoek werd hun demonstratierecht, althans hun recht op vrijheid van meningsuiting en vreedzame vergadering feitelijk tenietgedaan en in de kern aangetast. Dientengevolge is sprake van een inbreuk op de artikelen 10 en 11 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) die niet noodzakelijk in een democratische samenleving kan worden geacht en die evenmin proportioneel moet worden geacht in het licht van het doel van het voorkomen van publieke wanorde of van het beschermen van de rechten van anderen, aldus de raadsman.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf2e2bd577a29646ce1cbb32d3ad50b0de2ea108258e4fa5ec236a956313da39. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf2e2bd577a29646ce1cbb32d3ad50b0de2ea108258e4fa5ec236a956313da39, en de alinea staat in dat document op bytes 8513 tot 9936.