Citaat | Gerechtshof Amsterdam 6 oktober 2020

Onder 2.11. Gerechtshof Amsterdam 6 oktober 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 6 oktober 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:2620.

Op grond van artikel 3:94 lid 1 BW worden tegen een of meer bepaalde personen uit te oefenen rechten, zoals de onderhavige vorderingen van [X] Oud jegens geïntimeerden, geleverd door een daartoe bestemde akte en mededeling daarvan aan die personen. Ingevolge artikel 3:84 lid 1 BW vereist de overdracht van een goed een levering krachtens een geldige titel door een beschikkingsbevoegde. In artikel 3:58 lid 1 BW is bepaald dat wanneer pas na het verrichten van een rechtshandeling een voor haar geldigheid gesteld wettelijk vereiste wordt vervuld (hier: de geldige titel), maar alle onmiddellijk belanghebbenden die zich op dit gebrek hadden kunnen beroepen, in de tussen de handeling en de vervulling van het vereiste liggende tijdsruimte de handeling als geldig hebben aangemerkt, daarmee de rechtshandeling is bekrachtigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ecdbfb335d2a3ffeb943db62dd61c323f21f2684339a72a0781f56edc1e83e91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ecdbfb335d2a3ffeb943db62dd61c323f21f2684339a72a0781f56edc1e83e91, en de alinea staat in dat document op bytes 21633 tot 22474.