Citaat | Gerechtshof Amsterdam 22 oktober 2020

Alinea 49 Gerechtshof Amsterdam 22 oktober 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 22 oktober 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:4032.

De raadsman heeft zich ter terechtzitting in hoger beroep op het standpunt gesteld dat de verdachte van het tenlastegelegde moet worden vrijgesproken. Daartoe heeft hij, kort gezegd, aangevoerd dat alleen de aangeefster de auto met dat kenteken noemt. Dat met deze auto een aanrijding is begaan, wordt slechts gebaseerd op haar aangifte. Tevens kan niet vastgesteld worden dat de aangetekende brief de verdachte daadwerkelijk bereikt heeft. Er is geen bewijs van aantekening. Het is onduidelijk hoe de vaststelling van de verbalisant, dat de brieven aangetekend zijn verstuurd, tot stand is gekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e79dbedc1680a615c0eb72f3c2dbab26300a80f04fa3caa97b83cdefe9bfa7e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e79dbedc1680a615c0eb72f3c2dbab26300a80f04fa3caa97b83cdefe9bfa7e2, en de alinea staat in dat document op bytes 11483 tot 12096.