Citaat | Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2020

Onder 5.15. Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2020

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:685.

Uit de arresten van de Hoge Raad van 8 juli 2005, nr. 39850, BNB 2005/298 en nr. 39953, BNB 2005/299, volgt dat voor de toepassing van de meerderheidsregel in het kader van het gelijkheidsbeginsel in een geval als het onderhavige de vergelijking moet worden beperkt tot woningen die identiek zijn, in die zin dat de onderlinge verschillen naar het oordeel van de feitenrechter verwaarloosbaar zijn. Dit brengt, blijkens die arresten, enerzijds mee dat een beroep op de meerderheidsregel ondersteund dient te worden met de stelling dat minstens twee identieke objecten lager zijn gewaardeerd en anderzijds dat de heffingsambtenaar, op wiens weg het ligt te stellen dat de relevante groep groter is, daartoe slechts (juist gewaardeerde) objecten zal kunnen aanwijzen die eveneens identiek zijn aan dat van de klager (Hoge Raad 6 oktober 2006, 40443, ECLI:NL:HR:2006:AY9489, r.o. 3.3.2).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6bfb2aaf6086643e5337f9f3fce75dfea73fecb11de1bbff6d8ee50fa4676cda. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6bfb2aaf6086643e5337f9f3fce75dfea73fecb11de1bbff6d8ee50fa4676cda, en de alinea staat in dat document op bytes 44203 tot 45101.