Citaat | Gerechtshof Amsterdam 16 maart 2021

Onder 2.2 Gerechtshof Amsterdam 16 maart 2021

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 16 maart 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:746.

In het tussenarrest onder 3.12 heeft het hof overwogen dat ervan wordt uitgegaan dat [appellant 3] , gezien de verwachte daling van de korte en lange rente, de litigieuze renteswapovereenkomst van 25 juni 2008 (hierna: de renteswap) niet zou hebben gesloten. Vervolgens heeft het hof onder 3.13 overwogen dat voor de vaststelling van de schade met elkaar in vergelijking worden gebracht, enerzijds de hypothetische situatie waarin [appellant 3] zou hebben verkeerd indien ING de rentevisie van juni 2008 wel met hem had gedeeld en anderzijds de feitelijke situatie, waarin [appellant 3] op 25 juni 2008 de 10-jarige renteswap is aangegaan. Het hof heeft partijen - eerst KVR c.s., dan ING - in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de omvang van de schade, waarbij ook de afkoopsom van € 92.900 die [appellant 3] als gevolg van de beëindiging van de renteswap op 5 oktober 2015 aan ING heeft betaald aan de orde kan komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04edef4e2233df383e9c4797b5f940928f70b3f357dd7333e0d8a2493046037e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04edef4e2233df383e9c4797b5f940928f70b3f357dd7333e0d8a2493046037e, en de alinea staat in dat document op bytes 7043 tot 7999.