Citaat | Gerechtshof Amsterdam 16 maart 2021

Onder 2.8. Gerechtshof Amsterdam 16 maart 2021

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 16 maart 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:746.

Gezien het genoemde rentetarief van 6,38% ligt het niet voor de hand dat [appellant 3] in de hypothetische situatie gekozen zou hebben voor een 10-jarige rentevastlening van € 1.000.000. In de feitelijke situatie betaalde hij in totaal een rentepercentage van 5,90%, het renteswaptarief van 5,00% + een opslag van 0,90%, hetgeen op dat moment aanzienlijk lager was dan het rentevasttarief van 6,38%. Gelet op het feit dat [appellant 3] (naar uit zijn ter zitting in eerste aanleg en ook in hoger beroep gedane uitlatingen volgt) risico-avers was, ligt het echter evenmin voor de hand dat hij in de hypothetische situatie het volledige risico van stijgende rente zou hebben willen lopen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04edef4e2233df383e9c4797b5f940928f70b3f357dd7333e0d8a2493046037e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04edef4e2233df383e9c4797b5f940928f70b3f357dd7333e0d8a2493046037e, en de alinea staat in dat document op bytes 13362 tot 14064.