Citaat | Gerechtshof Amsterdam 19 juli 2022

Onder 5.1. Gerechtshof Amsterdam 19 juli 2022

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 19 juli 2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:2178.

Evenals in eerste aanleg betoogt belanghebbende in hoger beroep dat de naheffingsaanslagen ten onrechte zijn opgelegd. Zijn auto stond deels op de stoep en dat is een overtreding van het verbod van artikel 10, lid 1, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Dit leidt ertoe dat niet (eveneens) sprake is van parkeren in de zin van artikel 225 van de Gemeentewet, zodat de naheffingsaanslagen geen grondslag kennen in de wet, aldus belanghebbende. Hiernaast betoogt belanghebbende dat de naheffingsaanslagen zijn opgelegd in strijd met het legaliteitsbeginsel omdat hem niet kenbaar was (noch kon zijn) dat parkeerbelasting verschuldigd was indien hij zijn auto deels in een voor betaald parkeren aangewezen parkeervak en deels op de stoep parkeerde. Hierom dienen de naheffingsaanslagen vernietigd te worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee73fed65ab7b6e98d755bbc7e0727e2a2e3c912d48b88f0918193b01be333f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee73fed65ab7b6e98d755bbc7e0727e2a2e3c912d48b88f0918193b01be333f4, en de alinea staat in dat document op bytes 14111 tot 14948.