Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 april 2025

Onder 5.6. Gerechtshof Amsterdam 3 april 2025

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 april 2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:1213.

Belanghebbende betoogt dat zij beroep heeft moeten instellen om over een deugdelijke en volledige onderbouwing te beschikken. De heffingsambtenaar heeft namelijk de beschikte waarde in beroep met andere referentieobjecten onderbouwd dan hij in de bezwaarfase had gedaan (het referentieobject [a-straat] 37 is in beide fases gebruikt). De referentieobjecten die de heffingsambtenaar in de bezwaarfase heeft gehanteerd, onderbouwen de waarde niet aldus belanghebbende. Zij meent hierom recht te hebben op een vergoeding van (proces)kosten en griffierecht omdat zij vanwege de gebrekkige onderbouwing in de bezwaarfase gedwongen was beroep in te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ddb4cedfecc7d553a5c74108810217171e72d29c64ff56a07d160111ff8d989f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ddb4cedfecc7d553a5c74108810217171e72d29c64ff56a07d160111ff8d989f, en de alinea staat in dat document op bytes 34434 tot 35098.