Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25 maart 2014
Onder 4.18 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25 maart 2014
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25 maart 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:2380.
[tekenaar]: “Ik kreeg op enig moment het verzoek van de heer [notarisklerk] van Hermans & Schuttevaer om contact te leggen in verband met een splitsing van een pand aan de Kerkstraat. Ik ben toen ter plaatse geweest en heb daar gesproken met de heer [directeur van koper] en de heer [verkoper 1]. Wij hebben doorgesproken wat er precies gesplitst moest worden. Er was al een splitsingstekening dus in beginsel zou het een aanvulling worden. Het was de bedoeling dat er zou worden ondergesplitst, maar dat was niet zonder meer mogelijk. Ik constateerde namelijk dat sprake was van een bovenwoning op de garage van dat betreffende appartement. Daardoor moest eerst een wijzigingstekening worden gemaakt. Vervolgens zou de ondersplitsing kunnen plaatsvinden” (p. 2 proces-verbaal van 13 april 2011).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17526921f7deda7b4e490fee20b6fdd2224db760fe6d23b9240380e5c936482e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17526921f7deda7b4e490fee20b6fdd2224db760fe6d23b9240380e5c936482e, en de alinea staat in dat document op bytes 37408 tot 38273.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/17526921f7deda7b4e490fee20b6fdd2224db760fe6d23b9240380e5c936482e | shasum -a 256