Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30 juni 2015
Onder 4.27 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30 juni 2015
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30 juni 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:4791.
De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 10 juni 2011, nr. 09/02639, ECLI:NL:HR:2011: BO5046, geoordeeld dat voor de beantwoording van de vraag of de redelijke termijn voor de beslechting van het geschil is overschreden, moet worden aangesloten bij de uitgangspunten die hij in zijn arrest van 22 april 2005, nr. 37.984, ECLI:NL:HR:2005:AO9006, heeft neergelegd voor de duur van de redelijke termijn in fiscale boetezaken. Daarbij hanteert de Hoge Raad als uitgangspunt dat de redelijke termijn voor de behandeling in de bezwaar- en de beroepsfase tezamen niet meer dan twee jaar bedraagt en voor de behandeling in hoger beroep eveneens niet meer dan twee jaar. Voor de schadevergoeding dient als uitgangspunt een tarief van € 500 per half jaar dat de redelijke termijn is overschreden, waarbij het totaal van de overschrijding naar boven wordt afgerond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8aaf44ad4609bf9b6847eb42b520b7bcf1961e775a31a22fc983bd19c4a7bf22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8aaf44ad4609bf9b6847eb42b520b7bcf1961e775a31a22fc983bd19c4a7bf22, en de alinea staat in dat document op bytes 37259 tot 38126.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8aaf44ad4609bf9b6847eb42b520b7bcf1961e775a31a22fc983bd19c4a7bf22 | shasum -a 256