Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14 juli 2015

Onder 4.10 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14 juli 2015

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14 juli 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:5300.

Uit artikel 1.1.4 volgt dat bij de invordering met betrekking tot aansprakelijkgestelden en andere derden de bepalingen over de invordering bij belastingschuldigen in beginsel op overeenkomstige wijze moeten worden toegepast. Dit betekent dat de regel van artikel 1.1.5, dat als de belastingschuldige aannemelijk maakt dat er gegronde twijfels over de verschuldigdheid van een onherroepelijk geworden belastingaanslag bestaan, de Ontvanger op zijn verzoek de belastingaanslag marginaal toetst (en vervolgens, als de aanslag in materiële zin niet verschuldigd blijkt te zijn, verdere invorderingsmaatregelen achterwege laat), ook geldt voor een aansprakelijkgestelde of andere derde tegen wie de invordering zich richt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d5cea024d35cd26d773f3e75373bdef3813b6c0eea66ee17528481b934a0e756. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d5cea024d35cd26d773f3e75373bdef3813b6c0eea66ee17528481b934a0e756, en de alinea staat in dat document op bytes 24059 tot 24792.