Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 6 januari 2015

Onder 2.2 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 6 januari 2015

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 6 januari 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:6.

Het standpunt van [appellante] komt er op neer dat zij gecompenseerd wil worden voor de investeringen die zij in de woning deed. Ter comparitie is van de zijde van [appellante] aangegeven dat zij haar vordering op dit punt, niettegenstaande de intussen geëffectueerde overdracht van woning, staande houdt. Deze vordering leent zich naar ’s hofs oordeel echter niet voor een beoordeling in kort geding. Gelet op het verweer van [geïntimeerde] dient bij de bepaling van de omvang van de door [appellante] te verrekenen investering namelijk ook een aantal andere compensatieposten te worden betrokken, als gevolg waarvan de hoogte van het te verrekenen voordeel zich in dit kort geding niet eenvoudig laat vaststellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ea2d7f0018ec8563cc07f846c5ccd9f41d909ed72ae04fb113054e0be9c46fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ea2d7f0018ec8563cc07f846c5ccd9f41d909ed72ae04fb113054e0be9c46fa, en de alinea staat in dat document op bytes 8570 tot 9303.