Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 december 2015

Onder 4.15 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 december 2015

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 december 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:9921.

Zij moest derhalve beoordelen of de kredietverstrekking gelet op de inkomens- en vermogenspositie verantwoord was, waarbij de normen aanzienlijk ruimer waren dan thans het geval is. De bank mocht in die tijd ook rekening houden met opbrengsten van beleggingen. Volgens Rabobank heeft zij aan die onderzoeksplicht voldaan. Het door de Stichting aangehouden normpercentage tot 33% van het inkomen, was het percentage waar ook Rabobank in die jaren mee rekende. Rekenrendementen van 8 à 9 % waren in die tijd niet ongewoon. Niet is gebleken dat de betrokkenen vanaf het moment van verstrekking van hypothecaire geldlening hun verplichtingen niet hebben kunnen nakomen. Een verder gaande (bijzondere) zorgplicht, in de zin van een waarschuwings- en/of informatieplicht, rustte op de adviseur van betrokkenen, [X.].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0884516d64eba6b8d3ffa3dbf7329c02ba496414fba981077610ac24304ddc30. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0884516d64eba6b8d3ffa3dbf7329c02ba496414fba981077610ac24304ddc30, en de alinea staat in dat document op bytes 31146 tot 31970.