Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 december 2015

Onder 4.17 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 december 2015

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 december 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:9921.

Het hof oordeelt als volgt. De primair aan Rabobank verweten gedraging - het nalaten om de betrokkenen te behoeden voor overkreditering - dient beoordeeld te worden aan de hand van de ten tijde van de verstrekking van de hypothecaire geldleningen geldende normen en regelgeving. Van een voldoende uitgewerkt wettelijk kader was in die periode nog geen sprake. In een dergelijk geval zijn beslissend de maatschappelijke opvattingen ten tijde van de aan de derde verweten gedraging of nalatigheid. Op grond van hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, rust op banken een bijzondere zorgplicht jegens haar cliënten en derden met wier belangen zij rekening behoort te houden. De maatschappelijke functie van banken brengt een (bijzondere) zorgplicht met zich waarvan de omvang afhankelijk is van de omstandigheden van het geval (vergelijk HR 9 januari 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC2536, NJ 1999, 285).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0884516d64eba6b8d3ffa3dbf7329c02ba496414fba981077610ac24304ddc30. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0884516d64eba6b8d3ffa3dbf7329c02ba496414fba981077610ac24304ddc30, en de alinea staat in dat document op bytes 33032 tot 33972.