Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 maart 2016
Onder 4.9 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 maart 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:2005.
Het hof constateert dat [verweerder] zelf in zijn brief van 23 september 2005 aan de toenmalige rechtshulpverlener van [verzoeker] (mr. J.P. van der Velden van DAS rechtsbijstand – prod. 4 bij de conclusie van antwoord van [verweerder] ) onder meer schrijft dat hij behoefte heeft aan de medische gegevens van het Oogcentrum, omdat “ik me noch de casus noch de persoon van de heer [verzoeker] zelf, voor de geest kan halen. Dat is niet zo verwonderlijk gezien de tijd die verstreken is sinds zijn laatste consult.” Voorts schrijft [verweerder] dat duidelijk is dat hij [verzoeker] verwezen heeft: “Een verwijzing onder deze omstandigheden is zonder enige uitzondering een verwijzing naar een oogarts werkzaam in een multidisciplinair centrum. (…) Wanneer de heer [verzoeker] bewogen kan worden om de naam van de oogarts naar wie ik hem verwezen heb kenbaar te maken dan zal ook het multidisciplinair centrum bekend worden waar deze oogarts werkt.” In zijn brief van 8 februari 2007 (prod. 15 bij inl. dagv.) schrijft [verweerder] dat hij [verzoeker] verwezen heeft “omdat ik op de 27ste mei wederom geen diagnose kon stellen..”.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/191e36797f731f6c2e984cfd162e617d62bd87162fddc35cd4384a5d3246ee3c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 191e36797f731f6c2e984cfd162e617d62bd87162fddc35cd4384a5d3246ee3c, en de alinea staat in dat document op bytes 30597 tot 31859.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/191e36797f731f6c2e984cfd162e617d62bd87162fddc35cd4384a5d3246ee3c | shasum -a 256