Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 maart 2016

Onder 5.11 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 maart 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 maart 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:2437.

Uit hetgeen de moeder ter mondelinge behandeling heeft verklaard, leidt het hof af dat de behandeling bij het Radboud UMC in de periode tussen de mondelinge behandeling bij de rechtbank en de mondelinge behandeling bij het hof nog weinig verandering in de klachten van [kind] heeft gebracht en nog onvoldoende nieuwe kennis van de oorzaken daarvan heeft opgeleverd. Met de raad is ook het hof van oordeel dat moet worden voorkomen dat [kind] door de ouders wordt behandeld als een ernstig ziek kind en door hen bij voortduring wordt blootgesteld aan voor haar belastende onderzoeken en behandelingen, terwijl niet kan worden vastgesteld of hiervoor medisch gezien voldoende gronden zijn. Omdat de ouders onvoldoende openheid geven over de resultaten van het thans ingezette traject bij het Radboud UMC, valt niet te beoordelen of dit bij de behandeling bij het Radboud UMC wel het geval is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6f2f55ef2016c02b450baaaf81836226cb1b06f8fe8897823514ce1ef372f27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6f2f55ef2016c02b450baaaf81836226cb1b06f8fe8897823514ce1ef372f27, en de alinea staat in dat document op bytes 33933 tot 34836.