Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 mei 2016

Onder 6.1 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 mei 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:3534.

De meest verstrekkende stelling van Econvert c.s. houdt in dat het bewijsbeslag op de voet van 1019c lid 2 Rv van rechtswege is vervallen en [geïntimeerden 3 en 4] verplicht zijn de in bewaring genomen bescheiden aan Econvert c.s. terug te geven. Volgens Econvert c.s. moet het door Voith c.s. op artikel 843a Rv gebaseerde (inzage)kort geding worden aangemerkt als de hoofdzaak als bedoeld in artikel 1019c lid 2 Rv. In de tweede plaats stellen Econvert c.s. dat de inzageprocedure heeft uitgewezen dat Voith c.s. slechts een rechtmatig belang hebben met betrekking tot de in het vonnis van 1 juli 2015 genoemde 475 bestanden en dat het bewijsbeslag op de overige bestanden in de “ultra ultra kleine doos” moet worden opgeheven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0de111c458874592515a206d0c334ceecf0fcf1b57067856e4a98e0ee10dd889. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0de111c458874592515a206d0c334ceecf0fcf1b57067856e4a98e0ee10dd889, en de alinea staat in dat document op bytes 31683 tot 32433.