Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 mei 2016

Onder 4.7 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 mei 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:3535.

Voor de gevallen waarin de eerste noch de tweede methode toepasbaar is, zoals wanneer vervanging door een gelijkwaardig (ouder) exemplaar niet aan de orde is, voorziet de derde methode, het Rekenmodel, in een waardebepaling op basis van de stichtingskosten. Dit zijn de kosten die nodig zijn voor het (op den duur) verkrijgen van een vergelijkbare boom op dezelfde locatie. Daartoe wordt aan de hand van variabelen als de “functievorm” van de boom, de verwachte levensduur en de “investeringsbereidheid”, in abstracto bepaald welke kosten moeten worden gemaakt totdat de boom zijn moment van functievervulling heeft bereikt. Het gaat daarbij om het totaal van de kosten van het plantgoed zoals dat voor dergelijke bomen op dergelijke locaties in het algemeen wordt ingeboet en de jaarlijks te maken specifieke begeleidingskosten, zoals die van snoei. Aldus neemt de waarde van de boom tot het moment van functievervulling jaarlijks toe. Na het moment van functievervulling begint een periode van jaarlijkse afschrijving, waardoor de waarde weer daalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8e0165da454c74a1a212d83cd84933d45839b16df0c35cb3ab1364e76382c1c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8e0165da454c74a1a212d83cd84933d45839b16df0c35cb3ab1364e76382c1c, en de alinea staat in dat document op bytes 14270 tot 15343.