Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 7 juni 2016
Onder 4.3 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 7 juni 2016
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 7 juni 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:4938.
In dit verband is het volgende van belang. Wanneer procespartijen, zoals hier, strijden over feiten in het kader van een wettelijke regeling die leidt tot een vermindering van de belastingschuld, ligt het in de regel op de weg van de belastingplichtige die feiten te stellen, en bij gemotiveerde betwisting door de inspecteur, aannemelijk te maken die de conclusie rechtvaardigen dat terecht aanspraak wordt gemaakt op de desbetreffende vermindering. Als uitgangspunt heeft deze regel van bewijslastverdeling ook te gelden in zaken als de onderhavige. De omstandigheid dat het te dezen gaat om een procedure inzake een door de Inspecteur opgelegde naheffingsaanslag, doet hieraan naar het oordeel van het Hof niet af. De verhouding van partijen ten opzichte van de verdeling van de bewijslast in een procedure inzake een naheffingsaanslag is immers geen andere dan wanneer het zou gaan om een procedure inzake de voldoening op aangifte (vgl. onder meer de in het kader van navordering gewezen arresten HR 18 november 2011, nr. 10/05052, ECLI:NL:HR:2011:BU4804 en HR 19 juni 1929, B.4530).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76becff8c6425a54b596cc07c27cc720d0b0df4c46c3c72a16df51696f8377aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76becff8c6425a54b596cc07c27cc720d0b0df4c46c3c72a16df51696f8377aa, en de alinea staat in dat document op bytes 13324 tot 14426.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/76becff8c6425a54b596cc07c27cc720d0b0df4c46c3c72a16df51696f8377aa | shasum -a 256