Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2016

Alinea 153 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:521.

[benadeelde 1] heeft verklaard dat zij in maart 2011 werd gebeld door een medewerker van het bedrijf [kredietverstrekker 1] , die haar vertelde dat er een lening op haar naam was afgesloten. Uit de aanvullende verklaring van aangeefster, waarin zij ook aangifte doet van valsheid in geschrift terzake de lening bij [kredietverstrekker 1] , blijkt dat zij zelf geen lening heeft afgesloten bij [kredietverstrekker 1] . Volgens aangeefster heeft verdachte haar opgelicht door haar gegevens te misbruiken door deze naar [kredietverstrekker 1] te versturen en het contract te ondertekenen door middel van een valse handtekening. Zij heeft in een contact met [kredietverstrekker 1] vernomen dat de aanvraag voor de lening via Internet is gedaan en ook op die manier is goedgekeurd. De handtekening op het contract van [kredietverstrekker 1] is niet de handtekening van aangeefster. Het geldbedrag van [kredietverstrekker 1] is zonder medeweten van aangeefster op haar bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] gestort op 18 juni 2010. Verdachte heeft dit geldbedrag daarna in delen overgeboekt naar zijn betaalrekening met rekeningnummer [rekeningnummer 8] zonder medeweten van [benadeelde 1] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/643f17a6254302543a3fdb139f67e63007229a3dafa82e88d1fc24b54f128c22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 643f17a6254302543a3fdb139f67e63007229a3dafa82e88d1fc24b54f128c22, en de alinea staat in dat document op bytes 41423 tot 42759.