Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2016

Alinea 212 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:521.

Aangeefster heeft bij de politie echter uitgelegd waarom zij zo laat aangifte heeft gedaan. Dat was niet omdat zij er pas in april 2011 achter kwam dat er (opnieuw) geldbedragen van haar rekening waren overgeschreven, maar omdat verdachte haar al die tijd aan het lijntje had gehouden, onder meer door net te doen alsof hij contact had met zijn advocaat en hij van die advocaat te horen had gekregen dat aangeefster een schadevergoeding zou ontvangen van de bank als gevolg van de fouten die de bank had gemaakt. Hoe ver verdachte ging met zijn pogingen om aangeefster er van te overtuigen dat de overschrijvingen een gevolg waren van fouten van de bank, blijkt uit het door hem opgestelde ‘ [onderzoeksbureau] -rapport’ dat hij in juni 2011 aan aangeefster overhandigde. De reden dat aangeefster zo laat aangifte heeft gedaan was dus een gevolg van de leugens die verdachte aangeefster vertelde en welke leugens aangeefster een tijd lang heeft geloofd of heeft willen geloven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/643f17a6254302543a3fdb139f67e63007229a3dafa82e88d1fc24b54f128c22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 643f17a6254302543a3fdb139f67e63007229a3dafa82e88d1fc24b54f128c22, en de alinea staat in dat document op bytes 65565 tot 66559.