Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 januari 2016
Onder 4.4. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 januari 2016
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 januari 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:697.
Van een dergelijk geval is, gezien de in 4.1 en 4.2 vermelde omstandigheden, sprake. Derhalve moet ervan worden uitgegaan dat belanghebbende met de door hem alsnog verstrekte machtiging beoogd heeft het instellen van het hoger beroep door [A] te bekrachtigen. Daarvan uitgaande moet worden geoordeeld dat deze bekrachtiging ingevolge artikel 3:69, lid 1, in verbinding met artikel 3:79, van het Burgerlijk Wetboek het gevolg verschaft alsof [A] krachtens een volmacht had gehandeld (vgl. HR 17 september 2004, nr. 38.468, ECLI:NL:HR:2004:AR2310).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e706de2d34bb27e11867a4f524698fd69ad08a96f336bd4b652e4e654a496482. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e706de2d34bb27e11867a4f524698fd69ad08a96f336bd4b652e4e654a496482, en de alinea staat in dat document op bytes 12553 tot 13112.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e706de2d34bb27e11867a4f524698fd69ad08a96f336bd4b652e4e654a496482 | shasum -a 256