Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 januari 2016

Onder 4.15. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 januari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 januari 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:697.

De beantwoording van de vraag of sprake is van samenhangende zaken in de zin van artikel 3, lid 2, Bpb dient naar het oordeel van het Hof per fase van de procedure te worden beoordeeld. Een andere uitleg, waarbij de samenhang per proceshandeling wordt beoordeeld – bijvoorbeeld alleen voor het verschijnen ter hoorzitting in de bezwaarfase – is denkbaar (vgl. HR 28 november 2003, nr. 39.216, ECLI:NL:HR:2003:AN9083), maar zou ertoe leiden dat het (leidende) criterium of de bezwaren onderscheidenlijk beroepen door het bestuursorgaan of de bestuursrechter (nagenoeg) gelijktijdig zijn behandeld, zinledig zou zijn voor die proceshandelingen – zoals het indienen van een bezwaarschrift of beroepschrift – waarbij van (nagenoeg) gelijktijdige behandeling door het bestuursorgaan of de bestuursrechter in het algemeen geen sprake is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e706de2d34bb27e11867a4f524698fd69ad08a96f336bd4b652e4e654a496482. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e706de2d34bb27e11867a4f524698fd69ad08a96f336bd4b652e4e654a496482, en de alinea staat in dat document op bytes 26365 tot 27217.