Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 november 2016

Onder 2.2 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 november 2016

Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 november 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:8774.

Partijen zijn het erover eens dat [echtgenote] op grond van de artikelen 1:88 en 1:89 BW de bevoegdheid toekwam om de tussen [geïntimeerde] en Dexia zonder haar instemming gesloten overeenkomsten buitengerechtelijk te vernietigen. Op grond van art. 3:52 lid 1 sub d BW jo. art. 3:52 lid 2 BW verjaart deze bevoegdheid drie jaar nadat de vernietigingsgrond is ontstaan. Zodoende zou, wanneer in aanmerking wordt genomen ( [geïntimeerde] bestrijdt dit in het voorwaardelijk incidenteel appel) dat de verjaringstermijn is gaan lopen vanaf het sluiten van de overeenkomsten, de bevoegdheid van [echtgenote] tot vernietiging van de twee overeenkomsten zijn verjaard op 16 mei 2004, respectievelijk 21 maart 2005. Dat betekent dat toen [echtgenote] zich op 15 februari 2006 beriep op haar vernietigingsbevoegdheid de verjaringstermijn reeds zou zijn verstreken, tenzij, zoals [geïntimeerde] betoogt, de verjaring tussentijds is gestuit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbb6348f0e0e2956a98c4d9172831052f5dc84e9be3733a8f9f6f5eafd5de247. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbb6348f0e0e2956a98c4d9172831052f5dc84e9be3733a8f9f6f5eafd5de247, en de alinea staat in dat document op bytes 9019 tot 9965.