Citaat | Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2017
Onder 4.28 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2017
Een alinea uit Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 28 februari 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:1591.
Naar het oordeel van het Hof (zie Hof Arnhem-Leeuwarden, 19 juli 2016, nr. 14/01041, ECLI:NL:GHARL:2016:5906) dient – anders dan de Rechtbank heeft geoordeeld – bij de beantwoording van de vraag of sprake is van een gering financieel belang, géén onderscheid te worden gemaakt naar de omvang van het financiële belang in de fase van bezwaar respectievelijk beroep. Dit is te zeer in strijd met de eenvoud van de regeling en strookt niet met het forfaitaire karakter van de schadevergoedingsjurisprudentie van de Hoge Raad. Verder worden bij overschrijding van de redelijke termijn spanning en frustratie verondersteld, behoudens bijzondere omstandigheden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e8eb98571cff0ccf7365e51afa8bca4480d1671008b8d4c385aa611d94fbdbc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e8eb98571cff0ccf7365e51afa8bca4480d1671008b8d4c385aa611d94fbdbc, en de alinea staat in dat document op bytes 46998 tot 47674.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e8eb98571cff0ccf7365e51afa8bca4480d1671008b8d4c385aa611d94fbdbc | shasum -a 256